Amersfood

Van kastje, naar muur, naar…pijnloos?

romeOp veler verzoek het hele verhaal. Zodat ik het ook niet nog heel vaak hoef te vertellen, maar lekker kan genieten!

Een prachtige dag, mei 2011. Rinke en ik landen op het vliegveld in Rome. One of my favorites. Geweldige stad. Daar waar ik na één bezoek de weg weet en me thuisvoel. De sfeer, de kunst, het eten, het weer…alles. Perfect. Alleen is volop genieten er niet bij. Ik stap uit het vliegtuig met kiespijn. Niet wetende dat die pijn na vele kastjes en muren pas in september 2013 over zou zijn.

Nee, geen permanente pijn. In het begin “zo nu en dan”. Gevoelig, noemt de tandarts het bij de eerste controle. Dus halen we op de terugweg speciale tandpasta voor gevoelige tanden. De ellende begint.

november 2011

Een half jaar later is de kies nog steeds gevoelig. Nog altijd niet de hele dag, maar soms. Bij een ijsje, koude limonade, hete thee…dat soort dingen. De tandarts ziet nu iets meer ernst en vervangt de oude vulling die er zit. Dat moet de pijn wegnemen. Niets is minder waar. In de loopt het het volgende half jaar wordt de pijn frequenter.

mei 2012

We zijn al een jaar verder als de tandarts besluit mijn kiezen wat uit elkaar te vijlen. That should do the trick. Had ik dat niet eerder gehoord? Maar oké, misschien staan mijn kiezen wat strak, ik heb immers geen perfect recht gebit.

november 2012

Maar nee, wederom wordt de pijn heftiger. Ik leg zelfs een verband tussen het verergeren van mijn tinnitusklachten. De pijn zit nu niet alleen in mijn kies, ook mijn keel, wang, oor en slaap doen zeer. Onderbroken nachten zijn het gevolg. Slaapt je kind eindelijk door, krijg je dit. Ik weet het zeker: het is mijn zenuw! De tandarts zegt dat het tijd nodig heeft voordat mijn kiezen weer rust vinden. Nog even afwachten, zegt ze dan…

mei 2013

Terug naar de tandarts. Inmiddels het vierde controlemoment, dus twee jaar verder. Eigenlijk nog idioot dat ik steeds gewacht heb tot een controle. Maar ja, ik ben geen fan van de tandarts…blijkbaar houdt dat toch tegen?

De tandarts weet het ook niet meer. Nee, het kunnen mijn zenuwen niet zijn. Dan zou ik permanent door de grond gaan van de pijn. Niet “zo nu en dan”. Inmiddels het al bijna permanent in plaats van “zo nu en dag”, maar dat lijkt haar niet zo te interesseren. “Ga maar naar de huisarts,” zegt ze.

Bij de huisarts:
“Ik heb kiespijn.”
“Dan moet je naar de tandarts.”
“Zij stuurt me naar jou, ze weet het niet meer.”
“Ik kijk even in je oor.”
“Maar ik heb kiespijn!”
“Ja, maar ook oorpijn.”
“Door mijn kies.”
“Dat weten we dus niet zeker…”

De huisarts ziet “iets” op mijn trommelvlies en stuurt me door naar de KNO-arts. De arts ziet dat “het iets” een littekentje is waar een korstje op zit. Ja, dat kan de oorpijn wel goed verklaren! Op de opmerking “maar ik heb toch kiespijn?” word gezegd dat dit ook aan mijn oor kan liggen. Logisch. Dus krijg ik oordruppels, weekje druppelen, over vijf weken terugkomen. Ik vraag of ik bij geen verbetering daarna naar de kaakchirurg mag, omdat ik zeker weet dat het iets met mijn kies is. Dat mag. “Goed idee,” zegt de KNO-arts zelfs!

juli 2013

Van het kastje naar de muur
Van het kastje naar de muur

Vijf weken later kijkt hij niet eens in mijn oor. Of de klachten minder zijn geworden?
“Nee, alleen maar erger. Mag ik nu naar de kaakchirurg?”
“Nou, ik wil alles uitsluiten, dus ik wil toch nog even een MRI-scan.”
Ik ben twee keer eerder zo’n loeiende dwangbuis in gestuurd, de moed zakt me in de schoenen. Dat vind ik niet fijn! Maar vooruit. Hij zal het wel weten!
Helaas is het inmiddels bijna zomervakantie, dus kan ik pas eind augustus terecht bij de MRI. Oh en de arts zelf is dan ook met vakantie, dus de uitslag volgt half september. Het is inmiddels juli, dus ach, die twee maandjes kunnen er ook nog wel bij!

12 september 2013

Met knikkende knieën zit ik in de wachtkamer. De dokter loopt maar liefst een uur uit, wat uiteindelijk bijna anderhalf uur wordt. Binnen vijf minuten staan we weer buiten. Het goede nieuws? Een perfecte MRI. Tja, is dat goed nieuws? Op zich fijn om te weten dat er geen enge dingen in mijn hoofd zitten, maar nog geen stap verder. “Mag ik dan nu naar de kaakchirurg?” Dat mag! Hoera!

16 september 2013

Wauw, maar vier dagen later kan ik terecht. De lieve Vlaamse arts vraagt naar de historie. Ik vertel het bovenstaande verhaal. Ze schrikt, maar weet zeker dat het de zenuw niet kan zijn. Misschien knars ik wel. En is mijn kaak een beetje uit het lood. Want ik zei tenslotte dat mijn kaken pijn doen. Ik probeer nog te zeggen dat het logisch lijkt dat een kaak pijn gaat doen als je één kant al twee jaar niet meer gebruikt. Dat eten en drinken pijnlijk zijn en ik dus al zo lang alleen links eet en drink. Nog denkt ze niet dat het mijn zenuw is. Dan zou ik immers permanent….. “Ja, die opmerking ken ik, maar ik weet het zeker!” En inmiddels, na al die jaren, is de pijn ook permanent!

Na een heel verhaal over “toch eerst een jaar anti-knars-slaap-plaatjes proberen en dan misschien een zenuwbehandeling” geeft ze toe voor de zekerheid nog een koudetest te doen. Dat is een test waarbij ze een bolletje watten inspuiten met stikstof. Superrrrr koud. Ze houd het tegen de eerste kies aan. Niets. De tweede. Niets. Ik weet dat de derde het moment suprème moet zijn en knijp vast mijn handen fijn.

“Gohhh, ge reageert wel errug hyper!” Haar reactie nadat ik haar in een reflex zowat een klap heb verkocht omdat ze me een enorme pijnscheut bezorgde.
“Ik zei het toch…. Ik zeg het al drie jaar en zes maanden. Ik ben niet gek!”
Meer kan ik niet uitbrengen, de tranen springen in mijn ogen. Hemel, wat deed dat zeer.

Met brede lach loop ik het ziekenhuis uit. Eindelijk, er is een diagnose gesteld! De tandarts mag het afmaken. Gelukkig is de tandarts die mij drie en een half jaar lang aan het lijntje hield weg bij de maatschap. Die hoef ik echt niet te zien. Tijdens het maken van een afspraak, begint de assistent weer.
“Weet je zeker dat het een zenuwbehandeling moet zijn?”
“Ja!”
“Maar dat is in twee delen, dat weet je?”
“Al zijn het zes delen, kom maar op!”
“Ja, maar ik moet dan wel een uur inplannen, als het dan iets anders is…”
“HET IS NIETS ANDERS!”

Zucht. Ik word moedeloos. Het voornemen is om bij twijfel van de tandarts weg te lopen en een andere tandarts te zoeken.

25 september 2013

Dus zit ik behoorlijk zenuwachtig in de wachtkamer. Het loopt uit. Buikpijn.
Eenmaal aan de beurt begint het gesprek redelijk van voren af aan. Wederom het hele verhaal. Gelukkig kan deze dame zich in mijn situatie verplaatsen. Ze pakt de brief van de kaakchirurg erbij. Ja, ze twijfelt, want ik zou veel eerder veel meer pijn moeten hebben als het echt de zenuw was. “Maar,” – oh, gelukkig zegt ze “maar” – “we gaan het gewoon maar doen en dan zien we het wel!” Het lijkt er toch op dat het daar dermate pijnlijk is dat ik misschien wel eens gelijk zou kunnen hebben. Zegt ze. Gelukkig.

Eenmaal flink verdoofd en halverwege de behandeling biedt ze haar verontschuldigingen aan. Namens haar ex-collega, die me duidelijk te lang met pijn heeft laten rondlopen. Maar ook namens zichzelf. De twijfel die ze had was volledig verdwenen bij de aanblik van het eerste kanaal: enorm ontstoken. De tweede nog erger. Ze begrijpt niet dat ik dit twee en een half jaar heb doorstaan.Huilen-van-geluk

Ik reageer nog met een “ik moest wel, want niemand geloofde me”. Maar ik besluit mijn boosheid plaats te laten maken voor ontspanning. Al tijdens de behandeling voel ik rust in mijn hoofd terugkeren.

We zijn nu een week verder. Het is fantastisch om weer gewoon te drinken, zonder nadenken of het wel “over rechts” kan zonder pijn. Ik durf nog niet te eten. Maar zodra ze volgende week de behandeling af hebben gemaakt, ga ik dat zeker proberen.

Of de piep in mijn hoofd nu ook minder wordt, dat zou alleen maar een heel mooi neveneffect zijn. Pijnloos verder, daar ga ik voor.

Ik kan wel janken…van geluk. Wat voelt dit lekker. Gelijk krijgen bedoel ik dan hè. Dat voelt lekker. Ik krijg graag gelijk. Zelfs als het twee en een half jaar later is.

One Comment

  • Wim

    Zo dan, sodeju dat is een verhaal. Ben blij voor je dat het eindelijk over is. Ik dacht ook inderdaad aan die piep, maar daar schrijf je ook al over. Mijn advies: op basis van die piep zou je veel eerder moeten piepen. Dus nog maar een keer VHKNDM.

    Veel eetplezier, zowel links als rechts. Gaat wat worden met al die streekproducten!

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: